‘t Land van Bruegel, boeren, bergen en bier

Tekst: Hans Cuppen    Foto's: Joke Apswoude

Kaart

Praktische informatie

Reis en verblijf
Pajottenland (Gooik) ligt 190 autokilometers en twee uur rijden van Utrecht.
In de regio is voldoende aanbod van overnachtingsmogelijkheden. Wij verbleven in hotel Klein Nederlo in Vlezenbeek (www.kleinnederlo.be).

Kaart
Een informatiegidsje met overzichtskaart van het wandelnetwerk Pajottenland (760 kilometer aan wandelpaden) kost 9 euro en is te koop bij Toerisme Vlaams-Brabant (www.toerisme@vlaamsbrabant.be) en de toerismekantoren van Toerisme Pajottenland & Zennevallei (http://www.toerisme-pajottenland.be/NL/4/28/Contact.htm).

Overige informatie
De Stage voor Traditionele Volksmuziek vindt komende zomer plaats in Gooik van vrijdag 21 tot en met dinsdag 25 augustus (www.stagegooik.be).
Het Volksinstrumentenmuseum en de Geuzestekerij zijn beide te bezoeken. Kijk voor meer informatie op www.muziekmozaiek.be/?onderdeel=3657.
Domein Groenenberg is opengesteld voor publiek, het landhuis zelf echter niet.
Het kasteelpark Gaasbeek is eveneens opengesteld voor publiek. Ook het kasteel is te bezichtigen (www.kasteelvangaasbeek.be/nl).
Kijk voor algemene informatie over Vlaams-Brabant op www.toerismevlaamsbrabant.be/index.jsp.


Artikel

Print Friendly, PDF & Email

Zuidwestelijk van Brussel strekt zich Pajottenland uit. Een licht heuvelachtig landschap met uitgestrekte akkers en hier en daar een boerenhoeve of verstild gehucht. Sinds kort beschikt Pajottenland over een wandelnetwerk langs knooppunten. De wandelaar kan er kuieren over 760 kilometers aan ‘trage wegen’.

Wij starten onze wandeling in Gooik en doen dat niet zomaar. De Heemkundige Kring van Gooik noemt hun dorp namelijk ‘zonder schroom de parel van ’t Pajottenland. Gooik ligt onder de rook van Brussel en toch waren er geen fabrieken, autowegen, kanalen en bijna geen treinen. Een geluk dat de politiek onze streek vergeten was. Het was het land van Bruegel, boeren, bergen en bier. De mensen leefden hier lang zoals hun voorouders: ze hielden vast aan hun gewoontes.’

Welvarend
We parkeren de auto op het driehoekige pleintje aan de voet van de Sint-Niklaaskerk. De toegangsdeur blijkt gesloten. Jammer toch dat kerken hun deuren gesloten houden, wanneer er geen dienst is. We verlaten het dorp van negenduizend inwoners door de Dorpsstraat en lopen langs de velden van de plaatselijke voetbalvereniging. Als je de welstand van een voetbalvereniging mag afmeten aan de hoeveelheid reclameborden om het veld, dan zien we hier een financieel gezonde vereniging. Niet alleen de voetbalvereniging oogt welvarend, de hele regio ademt uit dat het de inwoners financieel voor de wind gaat. Regelmatig lopen we langs gerestaureerde boerenhoeven en luxe woonhuizen, al dan niet met garages.

Jezusbeelden
Weliswaar ontbreken de met cipressen afgezoomde oprijlanen naar robuuste villa’s op een terra gekleurde heuveltop, zoals men die kent van stereotype plaatjes van het Italiaanse Toscane, maar vanwege het heuvelachtige en landelijke karakter van Pajottenland wordt de regio ook wel het ‘Toscane van het Noorden’ genoemd. Aan die bijnaam zal de welvaart van de regio zeker hebben bijgedragen. Net als het ‘echte’ Toscane is de Vlaamse variant, die zich uitstrekt tussen de rivieren Zenne en Dender, een landbouwstreek met uitgestrekte akkers met hier en daar een boerenhoeve of verstild gehucht. Er worden vooral maïs, granen, aardappelen en suikerbieten verbouwd, bestemd voor het vee. We lopen langs of kruisen beekjes, horen de eerste tjiftjaf van dit seizoen, zien in de bermen bloeiend speenkruid. En kennelijk is de tijd rijp om wilgen te knotten: dikke takken zijn keurig opgetast, twijgen liggen op een grote hoop en dienen voor nieuw-gevlochten hagen. Gezien de hoeveelheid kapelletjes, Jezusbeelden en afbeeldingen van heilige Maria’s die we onderweg tegenkomen, is het overduidelijk dat de religieuze aard van de bevolking hier katholiek zal zijn.

Egypten
We lopen vandaag de Woestijnwandeling. In het gehucht met de wonderlijke naam Woestijn staat de witte Woestijnkapel uit zestienhonderd, een juweeltje. Naar verluidt deden al in de middeleeuwen pelgrims de kapel aan op hun tocht naar Santiago de Compostella. Verderop passeren we de Drie Egyptenbaan. Woestijn, Drie Egypten, waar lopen we in hemelsnaam? De namen berusten op een misverstand, zo laten we ons vertellen. Het gehucht was ooit een woestenij, een wastyne. Franse cartografen maakten er ‘désert’ van wat later weer als woestijn werd vertaald.
We krijgen er honger van. Café Den Haas blijkt geopend en een maarts zonnetje maakt het mogelijk dat we buiten op het terras kunnen aanschuiven. De uitbater serveert op ons verzoek een boterham met Ardenner ham respectievelijk platte kaas en een kopje thee. Na de voortreffelijke lunch lopen we over stille en soms holle landwegen terug naar Gooik. Wanneer ons onderweg een groepje Frans sprekende wielrenners passeert, realiseren we ons dat in Pajottenland weliswaar Vlaams wordt gesproken, maar dat de regio maar even ten noorden van de taalgrens ligt.

Geuzestekerij
Pajottenland is het land van de lambiek, bier dat al in dertienhonderd werd gebrouwen en volgens Karel Goddeau wordt beschouwd als ‘de moeder van alle bieren’. Goddeau is brouwmeester bij brouwerij Slaghmuylder in het naburige Ninove en eigenaar van De Oude Cam, café en geuzestekerij in Gooik. Hij ontvangt ons in een ruimte waar grote, honderd jaar oude, eiken vaten de wanden vullen. Goddeau: ‘De oorspronkelijke lambiek wordt nog zelden gedronken. Dat bier is te zuur. In de negentiende eeuw begon men ermee te experimenteren. Ze mengden oude en jonge lambiek en lieten het nagisten in een fles. Zo werd de geuze geboren. Het proces van mengen en nagisten heet geuzesteken, vandaar geuzestekerij.’ Lambiek wordt ook gebruikt om kriekbier te maken. Naast de gangbare kersensmaak levert De Cam ook Framboise door toevoeging van frambozen.

Doedelzak
Goddeau speelt in zijn vrije tijd doedelzak, zo laat hij ons terloops weten. Of we nog even tijd hebben… Hij gaat ons voor naar het tegenover de geuzestekerij gelegen Volksinstrumentenmuseum: een flinke zolderruimte gevuld met vitrines waarin oude instrumenten tentoon worden gesteld. Ieder jaar opnieuw, dit jaar voor de 37ste maal, organiseert de gemeente Gooik de zogenaamde Stage voor Traditionele Volksmuziek. Vijf dagen lang is het dorp het ontmoetingspunt voor liefhebbers en bespelers van doedelzakken, voet- en handaccordeons, draailieren, hommels, hakkeborden en andere bijzondere en veelal oude instrumenten. Bezoekers kunnen luisteren, meespelen, volksdansen en uiteraard drinken van de plaatselijke lambiek, geuze en kriek.
In de regio is Pieter Bruegel geen onbekende. De schilder vestigde zich 1563 in Brussel en raakte in de ban van het landschap van Pajottenland. Hij plantte er meermalen zijn schildersezel. Kerken, molens en dorpstaferelen vind je terug in zijn werken. Zijn schilderij ‘De Boerenbruiloft’ zou hij hebben gemaakt in de schuur van de herberg De Kroon in Itterbeek. Op het schilderij is de doedelzak zichtbaar en wordt naar verluidt volop lambik geschonken.

Over de oorsprong van de naam pajot lopen de meningen uiteen. Pajot zou zijn afgeleid van paillotte, een lemen huisje met strooien dak zoals dat vroeger in de regio veel voorkwam. Of wellicht van het Franse payer. In dat geval zou een pajot een huursoldaat zijn. Volgens een andere uitleg komt pajot van het oude Franse woord pagnot, een plat soldatenbrood. Niemand weet het zeker, maar wat misschien het dichtst bij de waarheid ligt is dat pajot is ontstaan uit het oud-Franse payot. Dat betekent lomp, boers. Zo betitelden Brusselaars de buitenmensen.

Lustpaviljoen
De volgende dag gaan we in een lichte miezerregen op kastelentocht. Domein Groenenberg is als eerste aan de beurt. Op weg ernaartoe staan in een weiland twee Brabantse trekpaarden. Het gespierde dier met de woeste manen is een Belgisch exportproduct en icoon van Pajottenland. Gaandeweg verandert het landschap in een parkachtige omgeving. Aan weerszijden van de paden bloeien duizenden gele narcissen. Ook azalea’s, familie van de rododendron, staan in bloei. Het onderhoud van het in Engelse stijl ontworpen en aangelegde park zal de nodige uren vergen, zo vermoeden we. Tussen de bomen door doemt het landhuis op, dat helaas gesloten blijkt. Wel kunnen bedrijven er vergaderzalen huren en ook is het mogelijk op het plein voor het landhuis evenementen te organiseren.
Tegenover Domein Groenenberg ligt het Kasteel van Gaasbeek. We lopen door de toegangspoort het in Franse en Engelse stijl aangelegde park van vijftig hectare binnen. Langs dreven en paden staan gebouwen die historisch met het kasteel verbonden zijn zoals de barokke Sint-Gertrudiskapel, een neogotische schuur, het achthoekige kruithuis en een lustpaviljoen (!). Verder omvat het domein drie grote vijvers. Centraal in het park staat het kasteel. We kuieren door het park en ervaren de stilte die alleen wordt opgeluisterd door de zang van vogels.

April 2015

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.