Een korte dag in Laag Holland

Tekst: Hans Cuppen    Foto's: Heleen Oele, Joke Apswoude

Kaart

Praktische informatie

Openbaar vervoer doet De Rijp, Grootschermer, Graft en West-Graftdijk aan.
Horeca in alle genoemde dorpen.
Klik hier voor algemene informatie en een gratis te downloaden toeristische brochure over Laag Holland.

Er is een overvloed aan wandelingen.
Klik hier voor de wandeling van Landschap Noord-Holland.
Klik hier voor rondwandelingen door de Eilandspolder, die Fred Triep aanbiedt op zijn wandelwebsite. De verschillende wandelingen variëren in lengte.


Artikel

Print Friendly, PDF & Email

Een week voor midwinterzonnewende rijden we naar Driehuizen voor een wandeling door de Eilandspolder, onderdeel van Laag Holland, ook wel Het Land van Leeghwater genoemd.

Nationaal Landschap Laag Holland is een oer-Hollands landschap tussen de steden Alkmaar, Hoorn, Amsterdam en Zaanstad. Een landschap met pittoreske dorpjes, molens, slingerende dijken en typisch Hollandse vergezichten. Ingenieur en geniaal molenbouwer Jan Leeghwater (1575-1650) was er nauw betrokken bij de drooglegging.

Feeëriek
We parkeren de auto aan de Oostdijk in Driehuizen. Het dorp met nog geen tweehonderd inwoners bestaat feitelijk uit één straat, met halverwege een bocht. In die bocht staat de kerk met ernaast, hoe kan het anders, het café. Voor we op stap gaan drinken we er koffie. De bakker heeft helaas zijn bestelling nog niet afgeleverd, vers appelgebak moeten we dus ontberen.
Sinterklaas is teruggekeerd naar Spanje, de kerstverlichting brandt al of wordt opgehangen. Kerstversieringen geven het dorp met de karakteristieke, deels in steen en deels in hout opgetrokken huizen, een nog feeëriekere aanblik. Van horen zeggen luidt de slagzin van de dorpelingen: ‘Vroeger woonde je in een gat, nu ben je rijk als je er woont!’. Dat laatste zou zomaar waar kunnen zijn. Dat geldt overigens niet alleen voor Driehuizen, ook in de andere dorpjes die we vandaag aandoen, zal het prima wonen zijn.

Leeghwater
We verlaten Driehuizen over de Visweg en lopen voor we het goed en wel in de gaten hebben over een dijk door een weids polderlandschap. In 2015 is het lastig je een voorstelling te maken van hoe Noord-Holland er hier vier eeuwen geleden moet hebben uitgezien. Met informatie van de website landvanleeghwater.nl vorm ik me een beeld. De waterrijke Eilandspolder werd al in de dertiende eeuw bedijkt. Tot de zeventiende eeuw lag het tussen grote meren zoals de Schermer en Beemster en niet ver van zee. De bevolking beviste er de meren of bedreef landbouw op veengebieden. Dat moet een karig bestaan zijn geweest. Het was Leeghwater die de strijd tegen het water aanging en de bevolking droge voeten en nieuwe welvaart bracht. Met behulp van zesentwintig molens werden de Beemster (1612), Purmer (1622), Heerhugowaard (1625), Wormer (1626), Schermer (1635) en Starnmeer (1643) drooggelegd.

Openluchtmuseum
Over de Korendijk en Kopdammerdijk lopen we in de richting van Grootschermer. Aan onze linkerzijde vult molen Koning de leegte op. In de weilanden om ons heen foerageren grauwe ganzen en Nijlganzen. Zo nu en dan trekken vluchten ganzen over in V-vorm, op weg naar betere bestemmingen. Onderweg worden we enkele keren voorbijgereden door het busje van de warme bakker, maar we houden het bij zelf meegenomen boterhammen. Langs de voetbalvelden van de GSV lopen we Grootschermer binnen. Net als Driehuizen beleven wij als bezoekers ook het oude deel van Grootschermer als een openluchtmuseum. We lopen langs verbouwde boerderijen en historische woonhuizen, maar één van de blikvangers is het historische dorpskerkje dat je slechts kunt bereiken over de witte houten ophaalbrug. De oorspronkelijke kerk van Grootschermer stortte in 1612 in tijdens een hevige storm. Er werd vijfduizend gulden voor de wederopbouw beschikbaar gesteld. Op 15 juni 1762 werd de eerste steen van de huidige Hervormde kerk gelegd door de vijfjarige zoon van de toenmalige predikant. Een andere bezienswaardigheid is het oude raadhuis, met tegen de achterzijde het voormalige Rechthuis van Noordschermer, een gebouwtje uit 1652, dat in 1938 is overgebracht naar Grootschermer. De beeldentuin van Nic Jonk, die landelijke en zelfs internationale bekendheid geniet, laten we aan ons voorbij gaan, we moeten nog een eind wandelen.

Weidemolentje
We vervolgen de route op weg naar Noordeinde. Zo kort voor de kortste dag van het jaar is het in de Eilandspolder prima toeven. Hoe moet dit polderlandschap eruitzien in voorjaar of zomer, vragen we ons af. Drommen toeristen, overvloedig vertier op het water, volle terrasjes in de dorpen, maar ook volop aanwezige weidevogels als de grutto en wulp. Ach, wandelen op een decemberdag heeft zo zijn voordelen: de stilte overheerst en we komen geen andere wandelaars of fietsers tegen. Even buiten Grootschermer passeren we een authentiek weidemolentje dat langs de Meerdijk staat, die de Noordeindermeerpolder scheidt van de Eilandspolder.

Schemering
Ook in Noordeinde vergapen we ons aan de schilderachtige historische panden. De inwoners moeten het hier echter doen met een onopvallend kerkje uit de negentiende eeuw, dat toebehoort aan de Doopgezinde Vermanning. We lopen verder naar Graft. We passeren er het voormalige raadhuis met pal ertegenover het kleinste winkeltje van het dorp, althans volgens de eigenaren Bram en Aagie. De dag loopt op zijn einde, de schemering kondigt zich al aan, we moeten ons haasten. Vlak voor de duisternis valt, lopen we Driehuizen binnen.
Helaas hebben we geen tijd gehad voor een bezoek aan West-Graftdijk en De Rijp. Beide dorpen blijven op ons verlanglijstje staan!

December 2015

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.