Zaanse Schans: schoolvoorbeeld van ‘onze’ nationale identiteit

Tekst: Hans Cuppen    Foto's: Joke Apswoude

Kaart

Praktische informatie

De Zaans Erfgoedroute is 7,6 kilometer lang. De route is geel gemarkeerd en volgt knooppunten van Wandelnetwerk Noord-Holland. De knooppunten met de klok mee: 24-41-40-33-39-38-84-43-42-41-24. De route andersom lopen kan ook: 24-41-42-43-84-38-39-33-40-41-24.
Klik hier voor meer (achtergrond) informatie over de Zaans Erfgoedroute.

Met openbaar vervoer: NS-station Koog-Zaandijk. Volg Guisweg naar Zaanse Schans.
Met de auto: Betaald parkeren bij de Zaanse Schans (Zaans Museum). Gratis parkeren bij lunchroom Westerveer (Eendrachtstraat 27, Wormer), ter hoogte van knooppunt 39.

Er is voldoende horeca onderweg. De hond mag aangelijnd mee.

Zaans Museum.
Klik hier voor meer informatie over de Zaanse Schans.


Artikel

Print Friendly

Met Wilhelmus-les, een verplichte blik op Rembrandts Nachtwacht, een bezoek aan de Tweede Kamer wil Rutte III scholieren ‘onze’ nationale identiteit inpeperen. Wij liepen de Zaans Erfgoedroute vanuit de Zaanse Schans, een ‘schoolvoorbeeld’ van Nederlandse cultuur, geschiedenis en identiteit.

We bezochten het Zaans Museum, bewonderden industrieel erfgoed, talloze molens, karakteristieke houten Zaanse huizen, een replica van het eerste kruidenierswinkeltje van Albert Heijn en we liepen langs rivier de Zaan waarover Annie M.G. Schmidt een versje schreef. Hoe Hollands wil je het hebben!

Echt of nep?
Overigens is bij de authenticiteit van de Zaanse Schans een kanttekening op zijn plaats. In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw werden huizen en molens, vaak in deplorabele staat, vanuit de gehele Zaanstreek met diepladers naar de Zaan tegenover Zaandijk gebracht en in oude luister hersteld. Het verzamelde Zaanse erfgoed werd tot Zaanse Schans gedoopt. We moeten dus eigenlijk spreken van een openluchtmuseum dat als doel heeft het historisch erfgoed te bewaren en aan een breed publiek tentoon te stellen.
Authentiek of niet, de Zaanse Schans trekt jaarlijks een kleine twee miljoen buitenlandse toeristen. De Zaanse Schans is onder buitenlanders populairder dan het Van Gogh Museum, een rondvaart door de Amsterdamse grachten of het Rijksmuseum (Nachtwacht). Zelfs op een druilerige en herfstige zaterdag is het bij de Zaanse Schans stervensdruk. Gelukkig voor ons beperken de meeste toeristen hun bezoek tot het maken van foto’s (selfies!) bij de eerste de beste molen waarna de touringcar hen naar een volgende attractie rijdt.

Adelaar
We besluiten de route tegen de wijzers van de klok in te lopen. Links stroomt de Zaan, rechts begrazen koeien en grauwe ganzen de weilanden van polder en natuurgebied Engewormer.  Over een afstand van slechts enkele honderden meters wandelen we langs zeven molens: de Huisman, de Gekroonde Poelenburg, de Kat, de Zoeker, het Jonge Schaap, de Os en de Bonte Hen. Bij die laatste molen, op het meest noordelijke punt van de Zaanse Schans, pendelt in de zomermaanden een voetveer heen en weer over de Zaan. Als toeristen in eigen land – buitenlandse toeristen zien we niet meer – vervolgen we de route. Aan de overzijde van de Zaan staat de voormalige zeepziederij de Adelaar met bovenop een reusachtig beeld van de roofvogel. We kunnen ons voorstellen dat de bewoners rondom de historische Bartelsluis de overheid smeken om een passende oplossing voor de verkeersdrukte in hun woonomgeving. Passerende auto’s en wielrenners laten ons nauwelijks ruimte voor het bewonderen van het schilderachtige buurtschap.


Drie ouwe ottertjes
(versje van Annie M.G. Schmidt)

Drie ouwe ottertjes wilden gaan varen
Over de zin zon, over de Zaan
Eigenlijk wilden ze dat al sinds jaren
Maar om het feit dat ze ottertjes waren
Hadden ze ’t nog nooit gedaan
Hadden ze ’t nog nooit gedaan

Want:

Daar hing een bordje op alle bottertjes
Verboden toegang voor alle ottertjes
Verboden toegang voor alle ottertjes

Drie ouwe ottertjes stonden te schreien
Daar bij de zin zon, daar bij de Zaan
Stonden te schreien op het land en ze zeien
Dan gaan we maar met het spoortreintje rijden
Dat zal wel beter gaan
Dat zal wel beter gaan

Maar:
Daar hing een bordje op elke coupé
Ouwe ottertjes mogen niet mee
Ouwe ottertjes mogen niet mee

Drie ouwe ottertjes stonden te turen
Over de zin zon, over de Zaan
Daar op dat weilandje tussen twee schuren
Daar was een vent waar je fietsen kon huren
Fietsen met vaantjes er aan
Fietsen met vaantjes er aan

En:

Daar hing een bordje op iedere fiets
Ouwe ottertjes mogen voor niets
Ouwe ottertjes mogen voor niets

Toverrijst
In een Deka-supermarkt eten we schuilend voor de miezerregen een boterham. Niet veel later bewonderen we vanaf de Zaanbrug het industriële erfgoed langs de rivier: het gebouw van de voormalige rijstpellerij Hollandia en aan de andere kant van de brug de fabriek van Lassie, die in 1959 toverrijst op de markt bracht, waardoor het pellen van rijst tot het verleden behoorde. We vervolgen de route langs de westkant van de Zaan. Een eindje verderop zien we weer het beeld de Adelaar, bovenop de voormalige zeepziederij. Ook pakhuizen behoren tot het industriële erfgoed langs de Zaan. De rivier werd voor handel en industrie interessant na de opening van het Noordzeekanaal in 1876 waarmee de Zaan in directe verbinding staat. Kennelijk trekken in Wormerveer handel, industrie en wonen nog steeds samen op. Zo blijkt in de Soendastraat, waar pal achter het laatste rijtjeshuis de glimmende ketels oprijzen van Loders Croklaan, een fabriek die vetten produceert voor de levensmiddelenindustrie.

Dubbel-vier
Voorbij het industrieterrein komt de rivier weer in beeld. Bij de Wormerveerse Roeivereniging De Zaan vertrekt juist een dubbel-vier-met-stuurman. Onze wandeling gaat verder over de Lagedijk. We passeren het Zaandijker Sluisje, dat ons een doorkijkje biedt op de Zaan en een molen van de Zaanse Schans. We lopen door de Gortershoek, sinds 1986 een beschermd dorpsgezicht. Het schilderachtige buurtje met tal van historische Zaanse houten huizen, het oude raadhuis van Zaandijk, het Honig Breethuis en het Weefhuis voldoet volledig aan het beeld van Zaans erfgoed dat we voor ogen hadden. Wij zijn er zowat de enige toeristen. De hordes buitenlandse toeristen zien we pas weer terug als we bij de voormalige korenmolen De Bleeke Dood de hoek om slaan en over de Julianabrug terugkeren naar de Zaanse Schans.
Rutte III zou er goed aan doen alsnog een verplicht schoolreisje naar de Zaanse Schans op te nemen in het regeerakkoord.

Oktober 2017

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.