Noaberpad: In Groningen langs de Ruiten Aa

Tekst: Hans Cuppen    Foto's: Joke Apswoude

Kaart

Praktische informatie

Het Noaberpad (LAW 10) maakt deel uit van het landelijk netwerk van doorgaande routes in Nederland. Over een lengte van 432 kilometer kan de wandelaar kennismaken met het doorgaans agrarische grensgebied tussen Nederland en Duitsland.

In de routegids van het Noaberpad is het pad in twee richtingen beschreven. De totale route is in 69 stappen opgedeeld van gemiddeld 6,5 kilometer. Elk van de 69 stappen is voorzien van een kaartje 1:25.000 en een duidelijke routebeschrijving (zowel heen- als terugrichting). Meer informatie over de routegids van het Noaberpad of de gids kopen? Klik dan hier.

Kijk voor actuele informatie op www.noaberpad.nl.

Onderweg is het aanbod van horeca gering. Neem dus voldoende eten en drinken mee.


Artikel

Print Friendly, PDF & Email

Tussen het Groningse Bad Nieuweschans tot aan de Rijn bij het Duitse Kleve loopt het Noaberpad. De samenstellers van de gelijknamige routegids vatten in de ondertitel het kernachtig samen: ‘grenzeloos wandelen van Dollard naar Rijn’.

In de provincie Groningen lopen we een traject van het Noaberpad waarbij de Ruiten Aa ons vrijwel de hele route vergezelt.

Noaber
‘Beter ’n gôd naber as ’n ferre fründ’, zegt men in Platduits. Noaberschap oftewel burenhulp was in de dorpen langs de oostgrens eeuwenlang onontbeerlijk. In het Nederlands-Duitse grensgebied tussen Oost-Groningen tot voorbij de Achterhoek had iedere noaber de zogenaamde noaberplicht zijn buur desgewenst met raad en daad bij te staan.
Bewoners van het Saksische taalgebied hebben hun taalgebruik niet laten beïnvloeden door een getrokken lijntje op een wereldkaart. Nog vandaag de dag spreken en schrijven burgers aan beide zijden van de bureaucratische en officiële Nederlands-Duitse grens koeterwaals of Kauderwelsch zoals dat in het Duits heet. Zo lezen wij ergens bij het passeren van de grens op een bordje “Weerkommen” en niet ‘Willkommen’ of ‘Welkom’.

Melk en kaas
Vandaag willen we het deel van het Noaberpad tussen Jipsinghuizen en Laude lopen. Heen met de bus, te voet terug naar de auto. We parkeren de auto tegenover de voormalige Melkfabriek in Laude. Terwijl we op de bus wachten, lezen we op een bord dat Stichting Melkfabriek Laude het industriële erfgoed uit 1938 nieuw leven wil inblazen met onder andere een kaasmakerij.

Hectiek of niet?
Het busje van vervoersmaatschappij Qbuzz is keurig op tijd. Tijdens het ritje van niet langer dan een kwartiertje blijven wij de enige passagiers. Terwijl we door het als verlaten Sellingen rijden, raken we aan de praat met de chauffeur. Het werkaanbod in de regio is gering. Bovendien valt er volgens hem weinig te beleven. Hij neemt zo nu en dan de trein naar Den Haag. Niet alleen omdat zijn moeder er woont maar ook om weer voor eventjes te genieten van een bruisende stad. We laten maar achterwege dat wij juist de hectische Randstad zijn ontvlucht en hebben ingeruild om een week te genieten van de Oost-Groningse weidsheid en stilte. In Jipsinghuizen zeggen we de chauffeur gedag en stappen we uit. Dat het de regio economisch niet voor de wind gaat wordt onmiddellijk onderschreven: we kunnen nog een kopje koffie gebruiken maar met een bordje in de tuin wordt het hotel te koop aangeboden.

Hel
Gedurende de economische crisis in de jaren dertig van de vorige eeuw was een kwart van de Nederlandse beroepsbevolking werkloos. Werkverschaffing werd het toverwoord. In het Groningse Westerwolde lagen duizenden hectares heide die moesten worden ontgonnen. Uit steden als Amsterdam, Rotterdam en Leiden werden werklozen – arbeiders, maar ook onderwijzers, dominees en ander geschoold personeel – naar Jipsinghuizen gestuurd. Overdag moesten ze zwoegen, de nacht brachten ze in erbarmelijke omstandigheden door in barakken. Wat voor boeren en bazen weldaad betekende, vormde voor de arbeiders een hel. Bij de brug over de Ruiten Aa staat in het water een beeld dat de ‘Hel van Jipsinghuizen’ symboliseert.

Ruiten Aa
We lopen het dorp uit en volgen het riviertje de Ruiten Aa. Tot Laude, ons einddoel van vandaag, gaat de route van het Noaberpad regelmatig over de oevers van de Ruiten Aa.
De beek begint bij Ter Apel en stroomt langs Sellingen, Vlagtwedde, Smeerling, Ter Wupping naar Wessinghuizen waar na een kleine dertig kilometer het riviertje samen met de Mussel-Aa de Westerwoldse Aa vormt. De rivier mondt bij Nieuwe Statenzijl uit in de Dollard.

Mag weer kronkelen
De jaren zestig van de twintigste eeuw stonden in het teken van de schaalvergroting in de landbouw, waarbij landbouwproductie voorop stond. In heel Nederland werden rivieren gekanaliseerd. De meanderende Ruiten Aa had het al decennia ervoor moeten ontgelden. Door vervening van het Bourtangerveen kampte Westerwolde met wateroverlast van de Ruiten Aa die regelmatig buiten zijn oevers trad. In 1920 kwam het Ruiten Aa Kanaal gereed. Het kanaal verbindt Veelerveen en Ter Apel.
Een eeuw later liggen de verhoudingen geheel anders. De Ruiten Aa mag weer door het landschap kronkelen. Op het met een liniaal getrokken Ruiten Aa Kanaal is vandaag de dag zo nu en dan een plezierbootje te bewonderen. De vaarrecreant moet zelfstandig en handmatig de acht sluizen en bruggen bedienen.

Stoffige weggetjes
In een overheersende stilte lopen we de gehele dag door een gevarieerd landschap. De route gaat over stoffige (land) weggetjes langs akkers waarop suikerbieten, tarwe of maïs worden geteeld. We zien geregeld aardappelvelden met witte bloesem, weilanden met grazende koeien of paarden. Dan weer doorkruisen we een heideveld, kuieren we over bospaden, langs vennetjes. En natuurlijk doemt geregeld de Ruiten Aa op. Voor vandaag is het genoeg geweest. Ter hoogte van Laude laten we de beek achter ons en zoeken we de auto weer op.

Lees hier het artikel over onze Noaberpad-ervaringen in de Achterhoek.

Juli 2018

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.