Grand Central Belge boeit en ontroert

Tekst: Liesbeth Vermeulen

Artikel

Print Friendly

Grand Central Belge van de Belgische schrijver Pascal Verbeken is een tragisch en ontroerend boek. Het leest letterlijk als een trein, een trage trein die door de geschiedenis van een verscheurd land trekt. België was er heel vroeg bij met zijn negentiende-eeuwse spoorlijn die dwars door het land gaat, van zuid naar noord en andersom. Verbeken loopt de 200 km van het traject dat deels niet meer bestaat, maar ooit de ruggengraat van België was. ‘Ik besloot … België te bewandelen. In een zoektocht naar wat België was, wat België had kunnen zijn, wat België is en wat België zal zijn. Eén maal in zijn leven moet een man een lange voetreis maken. Alleen. Met als enige gezelschap zijn gedachten. Een averechtse tocht, tegen de tijd in. Om het hoofd vrij te maken tot alleen nieuwsgierigheid overblijft naar de verhalen die wachten achter de volgende bocht in de weg.’

De schrijver, zelf geboren in spoorwijk Moscou in Gent, doet al langer verslag van de zielenpijn van zijn land, zoals in het boek Arm Wallonië. Ook in Grand Central Belge raakt hij de lezer met zijn beschrijvingen van de bittere armoede en vreselijke sociale omstandigheden van de Waalse boeren en vooral arbeiders. Verbeken heeft niet alleen ervaring met het gebied, hij duikt ook in de geschiedenis van zijn land en de spoorwegen: door oude reisverslagen, ansichtkaarten, geografische kaarten enzovoort. En hij maakt afspraken met personen onderweg die nog kunnen meepraten van ‘vroeger’ of die vertellen over bijvoorbeeld de aardlagen van Wallonië.

De auteur vertrekt in het Franse Vireux-Molhain, steekt hier en daar af, bezoekt spookstations, maakt eens een extra ommetje. Charmant is dat Verbeken niet recht in de leer is waar het wandelen betreft. Soms lift hij bijvoorbeeld een stuk met een auto mee, als het traject over een saaie steenweg gaat. Vooral de N5 (Nationale 5) moet het ontgelden. ‘Intussen davert het verkeer langs de nauwelijks bestaande voetpaden. Als ik met mijn linkerhand achter mijn oor zou krabben, ben ik een elleboog kwijt.’ Via Charleroi gaat hij omhoog, naar Louvain-la Neuve (interessante geschiedenis van deze nieuwe universiteitsstad!), Leuven, Aarschot, Mechelen en via Borgerhout eindigt de tocht in Antwerpen.

De lezer komt van alles te weten over de geschiedenis van de Belgische spoorwegen, de terrils en het zware werk in de mijnen, treinforenzen, standsverschillen tussen buurten in steden, taalgrenzen en de rijkere woongebieden van de Vlamingen. Over de toekomst van België stemt het boek niet optimistisch. Bestaat DE Nederlander al niet, DE Belg al helemaal niet. Maar prachtig en boeiend leesvoer is het zeker.

2013

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.